zaterdag 19 augustus 2017
Over onze
visie
Lees ons
blog
Werkzaamheden
op de heide

Op de Gorsselse Heide broedt al vele jaren een wespendief. In 1996 werd voor het eerst een nest gevonden en in de jaren daarna zijn ze vrijwel altijd gezien maar werd nooit naar een nest gezocht. Vanaf 2013 werd weer een bewoond horst gevonden en wordt het lokale broedpaar gevolgd.

  


Deze trekvogel, die overwintert in tropisch Afrika, heeft relatief lange tenen met lange nagels met klauwen die uitstekend zijn uitgerust om wespennesten uit te graven. Daarnaast is alles aan de vogel aangepast om zichzelf tegen wespensteken te beschermen; een dicht pak sterke dekveren en een neusgat dat in feite een langgerekte groef is. De lichaamslengte bedraagt 52 tot 60 cm, de spanwijdte 110 tot 135 cm en het gewicht 600 tot 1000 gram. Vrouwtjes zijn gemiddeld genomen wat groter en zwaarder. Het verenkleed is bij beide geslachten min of meer identiek. De kop van het mannetje is grijs van kleur terwijl het vrouwtje een bruine kop heeft. Een wespendief is, net als de buizerd, nogal variabel van kleur. De meeste wespendieven worden in vlucht gezien, vliegend of cirkelend boven bosgebied of op trek. De vogel lijkt vliegend op buizerd, maar heeft een kleinere kop, een langere, smallere hals en langere vleugels en staart. Hierdoor steekt de kop verder uit en heeft hij een tragere vleugelslag. Wespendieven leven over het algemeen erg verborgen en worden niet veel gezien.


Wespendieven komen laat aan in hun broedgebieden (in de loop van april) en de eileg begint meestal in de tweede helft van mei. Succesvolle paren brengen meestal twee jongen groot. Voedt de jongen voornamelijk met zelf uitgegraven larven uit de wespennesten in de bodem. Wespen komen pas in voldoende mate beschikbaar vanaf ongeveer half juni. De vogel eet daarom ook wel hagedissen, kikkers, zoogdieren en vogels. Hij zoekt wespen- en hommelnesten in een zoekvlucht of vanuit een uitkijkpost.

Aan het einde van de broedvogelinventarisatie in 2013, zag Piet Schermerhorn (VWG De IJsselstreek) een wespendief overvliegen. Gebiologeerd met de vraag “waar heeft die haar nest?” is hij gaan zoeken. Uiteindelijk bleek dat de wespendief een oud onbewoond havikhorst had gerestaureerd en betrokken. Er werden twee kuikens waargenomen. Deze waren al zo groot dat ze op uitvliegen stonden. Een grote verrassing en aanleiding om het horst in het broedseizoen van 2014 goed in de gaten te houden, om te zien of het paar hier weer terug zou komen. En inderdaad, dit jaar werden beide vogels weer waargenomen. Op 7 juli werd het mannetje op het nest waargenomen ( vrouw en man broeden allebei) en tussen zijn poten keek een nieuwsgierig donskoppie de wijde wereld in. In ieder geval een jong dus. Op 21 juli waren echter duidelijk 2 halfwas jongen zichtbaar en werd de regionale Wespendiefonderzoeker Stef van Rijn gevraagd om de kuikens te ringen voor een langlopende populatiestudie.


 

 


Bijzonder natuurlijk ook om te proberen deze vogels te ringen waarmee dan de bewegingen van de jonge vogels gevolgd kan worden.  Al snel hadden enkele liefhebbers zich aangemeld om bij het ringen aanwezig te zijn. En zo ging het team in de vroege avond van 1 augustus op pad.

Zoals op bovenstaande foto’s is te zien, werd er met vakmanschap en toewijding naar boven geklommen. Boven aangekomen zijn eerst een paar foto’s van de jongen op het nest gemaakt en werden leeggegeten wespenraten verzameld om enig inzicht te krijgen in het dieet van de jongen. Vervolgens werden de kuikens in een tas gestopt en naar beneden gevierd om ze te ringen en te meten. Onderstaande foto laat zien dat het kuiken al over stevige vleugels beschikte.

 

Er werd gemeten, gewogen, DNA afgenomen en tot slot een mooie plastic kleurring om de poot gebogen en verlijmd. Tijdens de nazit werd duidelijk dat ook in 1996 de Wespendief hier broedend is waargenomen. Echter wel iets ten noorden van de huidige locatie. Maar Stef veronderstelt dat toch gesproken kan worden over een zelfde territorium. Hij veronderstelt dat het gebied al die jaren bezet is geweest, maar gezien het onopvallende gedrag van deze vogels is hun aanwezigheid in al die jaren vermoedelijk aan de vogelaars ontgaan.


Boeiend is het om ook even de nestgegevens te beschrijven:
- Hoogte van de horst: ca. 17 meter
- Aankomst Wespendief: omstreeks 10 mei
- Berekende legdatum: 25 mei
- Berekende geboortedatum: 27-30 juni
- Broedsucces: twee kuikens
- Gewicht kuikens op ringdatum: 985 en 920 gram
- Lengte vleugels op ringdatum: 296 en 275 mm

Het ringteam:
Stef van Rijn
Jeroen Kuipers
Piet Schermerhorn
Henk Groenouwe
Arno ten Hoeve
Peter Schoolderman
Warner Jan de Wilde
Jacques Duivenvoorden

Foto’s
Alle teamleden hebben veel foto’s gemaakt een aantal zijn hier gebruikt.